Natuurlijk, elk mens heeft emoties. Het gaat erom hoe men in contact staan met zijn emoties. De narcist onderdrukt zijn emoties zo sterk dat hij zijn emoties onvoldoende bewust beleefd in veel levenssituaties. Onbewust spelen zijn emoties juist een uitzonderlijk en opvallende rol in zijn leven.
De positieve emoties van een narcist zijn vermengd met zeer sterke negatieve emoties. Dit is het resultaat van zijn frustraties en de consequente transformatie van agressie. Deze frustraties en agressie worden bepaald door de Primaire Objecten (ouders en verzorgers) uit de kindertijd van de narcist.
In plaats van het krijgen van onvoorwaardelijke liefde waar een jong kind naar snakt, werd de narcist blootgesteld aan totaal onberekenbare en onverklaarbare aanvallen van stemmingswisselingen, van woede, van overdreven sentiment, jaloersheid, overdreven prikkeling en het belasten met schuld en andere ongezonde ouderlijke emoties en gedragspatronen.
De narcist reageert door zich terug te trekken in zijn eigen wereld waar hij almachtig en alwetend is en daardoor immuun voor kwade wisselvalligheden. Hij verbergt zijn kwetsbare Ware Zelf in een diepe mentale kelder en toont in plaats daarvan een Vals Zelf naar zijn omgeving.
Het vermengen van positieve en negatieve emoties is eenvoudiger dan ze te scheiden. De narcist is niet in staat positieve gevoelens te ervaren zonder het uitlokken van negatieve gevoelens. Steeds meer wordt hij fobisch: angstig om ook maar iets te voelen, uit vrees dat dit samengaat met afschrikwekkende, schuldbeladen, angstuitlokkende en onevenwichtige emotionele reacties.
Hij wordt hierdoor beperkt door het ervaren van afgestompte sterke emotionele mentale gevoelens, die hij zelf en naar anderen ziet als emoties. En deze gevoelens vinden alleen plaats bij de aanwezigheid van iemand of iets dat de narcist voorziet in zijn hoognodige Narcistische Spiegeling.
Alleen wanneer de narcist zich in de overgewaardeerde (idealisatie) fase in zijn relaties bevindt, ervaart hij mentale stuipen die hij benoemt als 'gevoelens'. Deze zijn echter zo tijdelijk en onecht dat ze eenvoudig vervangen kunnen worden door woede, jaloersheid en devaluatie. De narcist herschept de gedragspatronen van zijn, bepaald niet, ideale Primaire Objecten.
Diep van binnen weet een narcistisch persoon dat er iets kwalijks met hem aan de hand is. Hij is niet in staat zich in te leven in de gevoelens van anderen. Eigenlijk gaat hij uit van minachting en het belachelijk maken van anderen. Hij kan zich niet voorstellen dat anderen zo sentimenteel kunnen zijn of, zo 'irrationeel' (hij ziet immers rationeel als: beheerst en koelbloedig).
Dikwijls ziet de narcist dat anderen 'imiteren', voornamelijk om een doel te bereiken. Hij is ervan overtuigd dat hun 'gevoelens' gebaseerd zijn op verborgen, niet emotionele motieven. Hij word achterdochtig, is in verlegenheid gebracht of voelt zich gedwongen emotie getinte stuaties te vermijden. Of nog erger, hij ervaart sterk opkomende of haast onbeheersbare agressie bij de aanwezigheid van oprecht getoonde gevoelens bij anderen. Ze herinneren hem eraan hoe onvolmaakt en slecht hij eigenlijk is uitgerust.
Het zwakker type narcist probeert 'emoties' na te bootsen of voor te wenden, of tenminste de uitdrukking hiervan, het uiterlijk vertoon van affect. Zulke narcisten imiteren en repliceren de ingewikkelde gebarenkunst, die zij leren in verbinding te brengen met het bestaan van gevoelens. Maar er zijn geen echte emoties of iets wat lijkt op de afgeleide hiervan.
De narcist is zonder affect, verstoken van emoties. Aangezien dit zo is, zal de narcist zich snel ergeren, wordt hard, onaangedaan en begint onaangepaste affecten te tonen (bijvoorbeeld het hem onverschillig laten wanneer bedroefdheid een normale reactie zou zijn). De narcist maakt zijn geveinsde emoties ondergeschikt aan zijn ratio. Hij 'beslist' dat het ongepast is om op deze of andere wijze te voelen. Zijn 'emoties' zijn telkens het resultaat van analyseren, plannen en het nastreven van doelen.
De narcist vervangt 'herinneren' door 'waarnemen'. Hij vervangt zijn lichamelijke gewaarwordingen, gevoelens en emoties door een soort geheugengewelf. Zijn korte en middenlange geheugen wordt uitsluitend gebruikt om zijn reacties op te slaan voor zijn (actuele en potentiële) Narcistische Spiegelingsbronnen.
De narcist reageert alleen op zulke bronnen. De narcist vind het moeilijk en zwaar zich ogenschijnlijk te herinneren of te herscheppen, ofschoon opzichtig, wat hij 'voelt' (zelf een korte tijd terug) voor een Narcistische Spiegelingsbron zodra deze ophoudt te bestaan. In deze poging om zijn gevoelens te herbeleven, ontstaat bij de narcist een mentale wezenloze leegte.
Het is niet dat de narcist niet in staat is, wat we onderscheiden als 'extreem emotionele reacties'. Hij rouwt en heeft verdriet, wordt boos en lacht, zeer buitensporig met 'liefde' en 'zorg'. Maar dit is precies wat hem doet onderscheiden: deze snelle beweging van de ene extreme emotie naar de andere en het feit dat hij nooit de gulden middenweg bewandeld.
De narcist is vooral 'emotioneel' als hem zijn Narcistische Spiegeling wordt onthouden. Met een gewoonte breken is altijd moeilijk, echter speciaal als die gewoonte iemand als persoon zijn 'bestaansrecht' aan ontleent en zijn zelf heeft gemaakt. Stoppen met een verslaving is dan dubbel belastend. De narcist vat deze psychologische crisis op als een emotionele diepte en zijn zelfoverschatting is zo enorm groot dat hij er meestal in slaagt ook zijn omgeving te misleiden. Maar een narcistische 'emotioneel' geladen crisis (verlies van een Bron met Narcistisch Spiegeling, verwerven van een alternatieve bron, het gaan van de ene Narcistische Pathologische Ruimte naar de andere) moet men nooit verwarren met de werkelijkheid, of dat wat de narcist nooit ervaart: emoties.
Veel narcisten hebben 'emotionele resonantietabellen'. Ze gebruiken woorden zoals andere algebraïsche tekens gebruiken: met een angstvalligheid, behoedzaamheid en met een precisie van de vakman. Ze beeldhouwen met woorden de fijn afgestemde nagalm van pijn, liefde en angst. Het is de wiskunde van de emotionele grammatica, de meetkunde van de syntaxis van passies. Verstoken van alle emoties, controleren narcisten nauwkeurig de reactie van andere mensen en passen hun woordkeuze aan op de replicaties, totdat hun woordenschat overeenkomt met hun luisterend publiek. Dit is voor de narcist een zo dicht mogelijke benadering van empathie.
Samengevat, het emotionele leven van de narcist is kleurloos, onbewogen, star en blind als zijn stoornis of zo dood als hijzelf. De narcist voelt woede, pijn en buitensporige vernedering, jaloezie en angst. Dit zijn zeer opvallende, overheersende, periodieke stemmingen bij de stemmenwerver in zijn emotioneel bestaan. Maar er is niets daar, uitgezonderd de regressief optredende darmreacties.
Wat de narcist ook als emoties ervaart, dat wat hij ervaart in reactie op geringschatting en beschadiging, werkelijk of zich verbeeldend, zijn emoties zijn steeds reactief niet actief. Hij voelt zich gekrenkt en voelt zich beledigd. Hij voelt zich gedevalueerd en is woedend. Hij voelt zich miskent en gekwetst. Hij voelt zich vernedert en vaart uit tegen anderen. Hij voelt zich bedreigt en is angstig. Hij voelt zich geadoreerd en gekoesterd door roem. Hij is kwaadaardig jaloers op iemand of op iedereen.
De narcist kan schoonheid waarderen maar op een rationele, koude en 'wiskundige' manier. De meesten hebben geen opvallende volwassen seksdriften. Hun emotioneel landschap is schemerig en grijs, zoals bij het kijken door een donker glas.
Veel narcisten kunnen op een intelligente manier emoties bespreken, die ze overigens nooit hebben ervaren zoals empathie, liefde en echte betrokkenheid. Dit is omdat ze veel lezen en contact hebben met anderen die deze emoties zeggen wel te beleven. Of, ze construeren werkhypothesen over wat mensen voelen. Wat de narcist betreft is het zinloos emoties werkelijk te begrijpen, maar door modellen te vormen, maakt dit hem mogelijk gedrag van anderen te voorspellen en zich hierbij aan te passen.
Narcisten zijn niet jaloers voor het feit dat anderen emoties bezitten. Ze minachten mensen met gevoelens en sentiment, omdat ze voor hen zwak en kwetsbaar zijn en ze minachten juist menselijke zwakheden en kwetsbaarheden. Zulke bespotting geeft de narcist een superioriteitsgevoel en is waarschijnlijk de overblijfselen van scheefgegroeide afweermechanismen uit de jeugd.
Narcisten zijn bang voor pijn. Het is het kristal bij Indra's Net, til het op en het gehele net wordt verplaatst. Hun pijn staat niet op zichzelf: zij vormen families van angsten, primitieve stammen van gebrek, hele volkeren van zielsangst. De narcist kan pijn niet apart ervaren maar alleen als een verzameling van...
Narcisme is een poging de onheilspellende woeste aanvallen van verschaalde negatieve emoties, het onderdrukken van woede en de beschadigingen uit de kindertijd te weerstaan.
Pathologisch narcisme is een bruikbare overlevingsstrategie en dit is waardoor het zo veerkrachtig en weerbarstig is tegen verandering. Als het wordt 'opgeroepen' door de gekwelde persoon, versterkt dit zijn functioneren, en maakt het leven dragelijk voor hem. Omdat het, als zo succesvol wordt ervaren, bereikt het zekere religieuze dimensies: het wordt star, strikt, automatisch en ritualistisch.
Met andere woorden, pathologisch narcisme wordt een gedragspatroon. Deze starheid is als een buitenste schil, een huidpanser. Het dwingt de narcist en legt hem beperkingen op. Het is vaak verbiedend en remmend. Dit resultaat maakt dat de narcist bang is bepaalde dingen te doen. Hij is gekwetst en vernederd als hij gedwongen wordt aan bepaalde activiteiten mee te doen. Hij reageert met woede als zijn mentale bouwwerk, dat zijn stoornis draagt, onderhevig is aan controle en kritiek, ongeacht hoe onschuldig en goed bedoeld dit is door anderen.
Narcisme is belachelijk en gênant om te aanschouwen. Narcisten zijn hoogdravend, verheven, afstotelijk en tegenstrijdig. Er is een grote wanverhouding tussen wat ze werkelijk zijn, hun werkelijke prestaties en hoe zij zichzelf zien. De narcist DENKT niet alleen dat hij ver verheven is boven anderen. Deze perceptie van superioriteit is diepgeworteld, onderdeel van elke mentale cel, een alles doordringende sensatie, een instinct en drijfveer.
Hij voelt dat hij recht heeft op een speciale behandeling en op bijzondere rechten omdat hij een uniek menselijk exemplaar is. Hij weet dat dit waar is, op dezelfde wijze waarop men zich bewust is dat er zich lucht om iemand heen bevindt. Het een integraal deel van zijn persoonlijkheid geworden. Meer integraal voor hem als zijn lichaam.
Dit opent een bres of beter een afgrond, tussen de narcist en andere personen in zijn omgeving. Omdat hij zichzelf zo speciaal en superieur ervaart, heeft hij geen idee hoe het is om menselijk te zijn of de neiging hebben om hier achter te komen. Met andere woorden een narcist kan en wil zich niet inleven in anderen.
Kunt u zich inleven met een mier? Empathie houdt in het zich identificeren of gelijkheid ervaren met de ingeleefde. Beide gevolgtrekkingen worden verafschuwd door de narcist. Door de narcist worden mensen ervaren en gereduceerd tot spotprenten, tweedimensionale weergave van functies. Zij zijn instrumentele, bruikbare, functionele, vermakelijke, bevredigende, razende of frustrerende objecten in plaats van liefdevol, emotioneel en sympathiek reageerden personen.
Deze mentale instelling leidt zonder meer tot meedogenloosheid en uitbuiting. Narcisten zijn niet 'slecht'. Eigenlijk ervaart de narcist zichzelf als een goed mens. Vele narcisten helpen andere mensen, professioneel of vrijwillig. Maar narcisten zijn echter onverschillig. Het kan ze allemaal weinig schelen. De narcist helpt mensen omdat het voor hun een manier is om aandacht te krijgen zoals dankbaarheid, pluimstrijkerij en bewondering en omdat het de snelste en zekerste manier is om van hun af te komen met hun onophoudelijk zeuren.
De narcist kan deze onplezierige waarheden rationeel bevatten, maar er is geen gelijke emotionele reactie (emotionele verband) bij deze werkelijkheid. Of er is geen resonantie. Voor hem, als narcist, is de handeling van introspectie om psychologisch inzicht te krijgen vergelijkbaar met het lezen van een saai gebruikershandboek van een computer die hij niet eens bezit.
Verder om zichzelf te isoleren van de onwaarschijnlijke mogelijkheid of confrontatie met de onvermijdelijke kloof tussen de werkelijkheid van de megalomane fantasie (de Omnipotente Kloof), komt de narcist met de meest uitgewerkte mentale structuur, afgeladen met mechanismen zoals hefbomen, schakelaars en flinkerende alarmverlichting.
Narcisme Isoleert de narcist van de pijn de werkelijkheid te ervaren en stelt hem in staat een 'fantasyland' te bewonen waar alles ideaal en schitterend is.