Capita selecta - juni 2005
Onrust onder patiënten over persbericht NVVP en TNS-Nipo
door Froukje Bos, beleidsmedewerker van Stichting Pandora
Artikel, PandoraNieuws mei 2005. Op 7 en 8 april j.l. kwam via het ANP (Algemeen Nederlands Persbureau) een opvallend onderzoek in het nieuws. Onder de koppen 'Antidepressiva besparen meer dan een miljard' en 'Forse daling ziekteverzuim door antidepressiva' werden in De Telegraaf, Spits Actueel en vervolgens in tal van kranten, vakbladen en websites de uitkomsten van een TNS-Nipo onderzoek onder de aandacht gebracht: 'het ziekteverzuim onder de 850.000 Nederlanders die antidepressiva slikken daalt van 31 tot acht dagen per jaar. De pillen besparen de maatschappij hiermee ongeveer 1,25 miljard euro per jaar. Het onderzoeksbureau gaat bij de berekeningen uit van een modaal inkomen per patiënt.'
Dit bericht heeft om verschillende redenen ernstige onrust veroorzaakt onder patiënten. Mensen met depressie worden bij ziekteverzuim neergezet als een maatschappelijke kostenpost. Dit is een eenzijdige en stigmatiserende berichtgeving: omstandigheden, oorzaken en de complexiteit van behandeling en herstel worden niet genoemd. Bovendien wordt een rooskleurig beeld van de werking van antidepressiva gegeven, wat een eenzijdige aanpak stimuleert. Er wordt uit gegaan van effectiviteit van behandeling en werking van antidepressiva die als zodanig niet bewezen is. Mensen worden bang dat straks depressieve werknemers verplicht worden antidepressiva te slikken 'omdat het wetenschappelijk bewezen effectief' is. Maar wat is de methodologie van de wetenschappelijke bewijsvoering en hoe verhoudt die zich tot de weerbarstige praktijk? Depressie is niet iets wat je verlangt, daar wil je van af, maar hoe? Over oorzaken en oplossingen zijn de meningen nog verdeeld, ook de psychiatrie heeft daar geen sluitend antwoord op. De medicijnrevolutie heeft op het gebied van psychofarmaca een belangrijke bijdrage geleverd aan de kwaliteit van leven van patiënten, dat is waar. Maar het is alom bekend dat het biologisch Utopia nog niet is bereikt. Het gebruik van antidepressiva is geen rechte weg naar herstel.
De grote uitspraken in het persbericht maken nieuwsgierig naar methodologie en uitgewerkte uitkomsten van het TNS-Nipo-onderzoek. Bij navraag blijkt dit onderzoek echter nog niet af te zijn, ook niet bij het uitkomen van deze nieuwsbrief ruim een maand na de publicatie van het persbericht. We bellen TNS Nipo: leider van het onderzoek Henk Foekema licht toe dat 'een eerste presentatierapport is samengesteld voor het voorjaarscongres van de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie (NVVP)(1), aan het definitieve rapport wordt nog gewerkt.'
In het persbericht worden verschillen in aanpak tussen huisartsen en psychiaters genoemd en gekissebis tussen de beroepsgroepen, maar een andere partij, de farmaceutische industrie wordt niet genoemd terwijl die de motor blijkt te zijn achter het onderzoek van TNS-Nipo.
Het persbericht is ondertekend door TNS Nipo en de NVvP, maar geeft geen nadere informatie over de sponsor/financier. Foekema vertelt dat opdrachtgever en financier Wyeth Pharmaceuticals bv is (de fabrikant van o.a. het antidepressivum Efexor). Later ontdekken we op de website van TNS Nipo dat dit bureau al een reeks van onderzoeken over depressie en antidepressiva heeft gedaan voor Wyeth. Waarom dit niet in het persbericht genoemd wordt, is niet duidelijk. Na een week of twee zien we dat aan het persbericht op de TNS-Nipo website alsnog een zinnetje is toegevoegd: 'Het onderzoek heeft plaatsgevonden in opdracht van Wyeth Pharmaceuticals bv.'
Verbazingwekkend is dat juist de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie (NVvP) de premature resultaten van een klein en snel opgezet onderzoek door een commercieel bureau, in opdracht van de fabrikant van het antidepressivum Efexor, aan pers en publiek presenteert en daarbij de rol van de fabrikant niet eens noemt. In het blad PSY zegt de woordvoerder van de NVvP dat 'niet relevant ' te vinden 'omdat de resultaten berusten op een representatieve steekproef.' PSY(2) vroeg de fabrikant naar haar motivatie voor de opdracht aan het onderzoeksbureau: "Aanhoudende kritische berichten over antidepressiva in de media waren voor fabrikant Wyeth Pharmaceuticals aanleiding een positiever geluid te laten horen. Verschillende media meldden begin maart dat antidepressiva slecht zouden werken en als aspirientjes worden voorgeschreven. Voor farmaceut Wyeth was de maat vol. 'Als onzin de zin structureel overstijgt dan wordt het tijd om een ander geluid te laten horen', aldus een woordvoerder. De farmaceut schakelde TNS Nipo in om de tevredenheid over antidepressiva te peilen."
Inderdaad is er de afgelopen weken en zelfs maanden en jaren een stroom aan kritische berichtgeving over antidepressiva geweest. Het zou de industrie sieren als zij niet met een snel onderzoek prematuur de pers probeerde te halen, met een succesverhaal dat vooral beleidsmakers economisch moet prikkelen, maar als zij zelf zou ingaan op ernstige en breed onderkende knelpunten.
Voor een groot aantal mensen werken antidepressiva als een ondersteuning in hun leven. Deze medicijnen, ook de nieuwere SSRI's, zijn nu enige tijd op de markt. Naar mate medicijnen langer en door meer mensen gebruikt worden, inmiddels door miljoenen mensen, komen ook knelpunten en vragen boven. De media stellen zich tot taak ontwikkelingen in de samenleving te volgen en te publiceren, dus ook over deze bevindingen. Dat ging inderdaad om een aantal opvallende en ingrijpende berichten. Internationaal, te beginnen in Amerika en Engeland werd het gebruik van SSRI's door kinderen onder de 18 sterk afgeraden. Ook in Nederland is dit uitgebreid in de pers geweest. Het adviescomité van het Centrale Europese Geneesmiddelenagentschap 'raadt het gebruik van twee soorten antidepressiva (SSRI's en SNRI's) af voor de behandeling van depressie bij kinderen en jongeren onder de achttien jaar. Uit meerdere recente onderzoeken is namelijk gebleken dat er een mogelijk verhoogd risico van zelfmoordgedrag kan ontstaan, met inbegrip van zelfmoordpogingen en zelfmoordgedachten en/of hiermee samenhangend gedrag als zelfpijniging, agressie, woede plotselinge wisseling van stemming. Deze berichtgeving riep des te meer onrust op omdat relatief veel kinderen en jongeren deze medicijnen al gebruiken en omdat men juist blij was dat antidepressiva een mogelijkheid leken te bieden om depressie bij kinderen en jongeren te kunnen behandelen. De knelpunten waren echter (te) lang ernstig onderbelicht gebleven. Er vindt nu een herbezinning plaats.
Andere berichten in de pers gingen onder meer over bijwerkingen als gewichtstoename en libidoverlies bij het gebruik van antidepressiva die zo storend werken dat dit een belangrijke reden is voor patiënten om niet te beginnen of (vroegtijdig) te stoppen met gebruik van antidepressiva. Ook verminderen en afbouw werden als knelpunten genoemd, dit heeft te maken met onttrekkingsverschijnselen en verslaving aan antidepressiva. De BBC, maar ook Nederlandse media en kranten besteedden aandacht aan incidenteel voorkomende, maar ernstige risico's bij het starten van gebruik. Net als bij kinderen blijkt ook bij volwassenen bij het (aller)eerste gebruik emotionele onrust te kunnen ontstaan: agressie, (pogingen tot) zelfdoding en incidenteel zelfs moord worden tot in rechtszaken toe aan de werking van antidepressiva toegeschreven. Dit zijn extreme klachten die niet vaak voorkomen, toch is het belangrijk dat men hier alert op is. Daarnaast spelen andere en minder ernstige klachten en vragen een rol bij dagelijks gebruik en behandeling. Het Maandblad Geestelijke volksgezondheid (MGv) besteedde in maart j.l.een heel nummer aan SSRI's (tweede generatie antidepressiva) en gaf nader inzicht in wetenschappelijke onderbouwing van de werking, bijwerkingen en gebrek aan werking van deze middelen. De Universiteit van Groningen (RUG) organiseerde een reeks lezingen, debatten en filmvertoningen over psychofarmaca en in het bijzonder antidepressiva.(3) Op 25 april hield de Tweede Kamer een rondetafelgesprek over 'de invloed van de farmaceutische industrie op onderzoek naar geneesmiddelen.'(4)
Kennelijk is het tijd voor een brede maatschappelijke discussie over voor- en nadelen van antidepressiva en de verschillende belangen die op deze miljardenmarkt spelen.
Het TNS-Nipo onderzoek stelt hier tegenover, zo stelt het persbericht, dat 'Gebruikers (en partners) aangeven dat ze tevreden zijn over de middelen: meer dan 90 procent vindt de middelen effectief en 85 procent vindt dat de kwaliteit van leven verbeterd is. In meer dan de helft van de gevallen is de relatie met de partner door het gebruik van de middelen verbeterd. 92 procent van de patiënten met kinderen vindt zichzelf een betere vader of moeder geworden.' De methode van onderzoek wordt daarbij als volgt toegelicht: 'Het veldwerk voor het onderzoek heeft plaatsgevonden van 21 maart tot 2 april 2005. Hierbij zijn 273 psychiaters, 154 huisartsen, 301 gebruikers van antidepressiva en 316 levenspartners van gebruikers van antidepressiva ondervraagd.' Hoe dit wordt aangetoond kunnen we helaas nog niet weten bij het ter perse gaan van deze nieuwsbrief. In PSY merkte neuropsycholoog Willem van den Burg (5) op 'dat de onderzoekers niets hebben gevraagd aan voortijdige stakers van antidepressiva: waren die mensen bij het onderzoek betrokken, dan had je waarschijnlijk een ander beeld gekregen.'
De Utrechtse hoogleraar en psychiater René Kahn (6) wordt in het persbericht van TNS Nipo en het NVvP geciteerd: 'Dit onderzoek toont aan dat in de dagelijkse praktijk antidepressiva van grote waarde zijn voor zowel patiënt als behandelaar'.
Ja, gelukkig geven antidepressiva een (groot) deel van de patiënten/gebruikers ondersteuning, maar voor een ander deel van de gebruikers geldt dit niet of niet altijd. De kern van de discussie van de afgelopen tijd was dan ook: risico's en knelpunten moeten zorgvuldig worden onderzocht en bij behandeling, gebruik, onderzoek en beleid worden meegewogen. Voor patiënten/gebruikers is het van groot belang dat zij met vragen, twijfels, klachten en kritiek over antidepressiva terecht kunnen bij hun behandelaar. Stellige uitspraken als in dit persbericht - en daardoor in vele kranten en bladen- dat antidepressiva werken, dat het ziekteverzuim wordt teruggebracht van 31 tot acht dagen en dat 90 procent van de ouders zegt een betere ouder te worden door gebruik van antidepressiva, dreigen een realistische uitwisseling tussen arts en patiënt over aanpak en behandeling van angst, depressie en depressieve gevoelens in de weg te staan. Wat te denken van de patiënt die met gebruik van antidepressiva niet na 8 dagen weer aan het werk kan, 'het is toch wetenschappelijk onderbouwd, dat moet kunnen'! Hoe maak je duidelijk dat dat bij jou misschien niet zo werkt en dat het toch geen onwil is? Of dat je in jouw geval liever geen of andere medicijnen wilt, of een andere vorm van behandeling? Wat te denken van de ouder die depressieve gevoelens heeft en graag een goede ouder wil zijn: 'je zou toch wel een slechte ouder zijn als je die antidepressiva niet zou nemen!' Nee, zo simpel is het niet. Regelmatig klagen patiënten dat hun klachten worden gebagatelliseerd, dat artsen niet voldoende op de hoogte zijn van knelpunten bij gebruik van psychofarmaca en niet beschikken over voldoende (farmacotherapeuthische) kennis en mogelijkheden voor behandeling van depressie. Zeker in een tijd van negatieve berichtgeving, herziene regelgeving en onrust over antidepressiva is een onafhankelijke wetenschappelijke onderbouwing en beroepshouding gewenst. Patiënten/gebruikers maken zich ongerust over de belangenverstrengeling en de eenzijdige opstelling van de beroepsvereniging van psychiaters.(7) Dat de NVvP op haar voorjaarscongres (8) de uitkomsten van het TNS-Nipo onderzoek besprak is één ding, maar waarom dit zo prematuur in de pers gebracht? Waarom kiest men om zelf woordvoerder van de boodschap te zijn? De onrust die men de berichtgeving in de pers verwijt wordt hiermee niet gepareerd, integendeel. Deze overhaaste, eenzijdige poging tot beïnvloeding van pers en publiek roept verbazing en onrust op. Fabrikant en Beroepsvereniging verwijten critici de patiënt ongerust te maken, maar doen dat vervolgens zelf.
- Voetnoten:
- 1. 33e Voorjaarscongres van de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie, 6, 7 en 8 april 2005, met als thema De psychiater in opleiding: éducation permanente.
- 2. Psy: Farmaceut is kritiek op antidepressiva beu
- 3. Studium Generale Groningen, over wetenschap cultuur en maatschappij, april 2005: Geluk uit een doordrukstrip; Dwarsdiepdebat 'De dans om de pillen, de markt voor psychofarmaca' zie www.rug.nl/studium en www.dwarsdiep.nl
- 4. www.tweede-kamer.nl zie onder commissievergadering d.d. 25 april 2005; Nieuwsflitsen van het Trimbos-instituut 21 maart 2005: Rondetafelgesprek na SSRI-nummer MGv www.trimbos.nl, ; Trouw 3 maart 2005: Hoorzitting invloed pillenfabrikant
- 5. Willem van den Burg was redacteur van de MGv SSRI-special.
- 6. De Heer Kahn is tevens voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie (NVvP). Dit wordt niet in het persbericht vermeld.
- 7. Op de website van de NVVP lezen we: De vereniging stelt zich ten doel de bevordering van de psychiatrie en de behartiging van de wetenschappelijke en beroepsmatige belangen van psychiaters en het bevorderen en bewaken van de kwaliteit van de psychiatrie.
- 8. Met als hoofdsponsors AstraZeneca, Lilly, Janssen-Cilag b.v., Lundbeck en Wyeth.
